De afgelopen maanden heeft de Taskforce Korte Keten in kaart gebracht tegen welke problemen en knelpunten ondernemers in de korte keten aanlopen. Op vrijdag 6 maart kwamen de ondernemers samen en werden de puzzelstukken bij elkaar gelegd op de Eemlandhoeve, vlakbij Amersfoort. De plek had niet beter gekozen worden: vanuit de ramen rondom de zaal zien we de hele voedselketen aan ons voorbijtrekken, van boeren op trekkers tot verwerkende bedrijven tot PostNL-busjes.

De drie programmalijnen die afzonderlijk van elkaar knelpunten hebben geïdentificeerd (lees meer over de drie afzonderlijke lijnen: data, logistiek en multi-channel), komen op deze dag weer bij elkaar om samen het overkoepelende verhaal in beeld te brengen. Waar knelt het nu echt in de korte keten, hoe zien de problemen er concreet uit en welke stappen zijn er nodig om ze gezamenlijk op te lossen?

Yvonne Faber en Joris Lohman (Food Hub) leiden de dag in met een stukje geschiedenis van de Taskforce, die twee jaar geleden is ontstaan vanuit de filosofie dat het Nederlandse voedselsysteem beter ingericht kan worden. Korter, vooral. Lohman geeft toe dat de samenwerking is ontstaan vanuit frustratie over het feit dat de pioniers in de korte keten het zo moeilijk hebben. ‘Wie op de troepen vooruitloopt, wordt tegengewerkt. Om een deuk in een pakje boter te kunnen slaan, is het essentieel dat we goed samenwerken.’ Hij vertelt over het mandaat van minister Carola Schouten; zij heeft de Taskforce officieel erkend als het vehikel dat de korte keten beweging vorm en kracht moet geven. ‘En nu hebben we jullie mandaat nodig,’ voegt hij daaraan toe. ‘De kern van wat we doen is regionale allianties smeden, ervoor zorgen dat alle korte keten-initiatieven in Nederland met één stem spreken.’

“Wie op de troepen vooruitloopt, wordt tegengewerkt. We moeten samenwerken” – @jorislohman over #korteketens

Alle kaarten op tafel

Deze dag is bedoeld om de gedeelde problemen letterlijk en figuurlijk ‘in beeld’ te brengen. Na drie presentaties van de afzonderlijke programmalijnen en een heerlijke korte-keten-lunch op de Eemlandhoeve, wordt de zogenaamde Challenge Room afgetrapt: een programma in spelvorm, dat de deelnemers stimuleert om letterlijk hun kaarten op tafel te leggen. In vijf groepen worden vijf verschillende toekomstscenario’s of problemen onder de loep genomen, en geven de deelnemers aan wat zij concreet kunnen bieden om het probleem op te lossen of het scenario werkelijkheid te maken. Dat kunnen data zijn, tools (een app, een leegstaande loods), geld, bereik, autoriteit of expertise.

De vijf scenario’s of problemen waar oplossingen voor worden gezocht, zijn de volgende:

1. Logistiek op basis van onderscheidend vermogen
In deze groep ging het om de volgende situatie: je bent ondernemer in de korte keten en je wil je logistiek júist graag zelf doen. Je wil het logistieke proces (busje, bakfiets, maaltijdbox) niet uitbesteden, maar een essentieel onderdeel van je business laten zijn. Dit gesprek, geleid door Dirk-Jan de Hoon, leverde veel concreets op:

  • Er was de roep om een nieuwe programmalijn binnen de Taskforce: een programma specifiek gericht op marktontwikkeling.
  • Er werden best practices en goede voorbeelden gedeeld; de ondernemer achter Puurland/Groene Rijders bood bijvoorbeeld aan om een masterclass ‘fijnmazige logistiek’ te geven aan de andere deelnemers.
  • Er werden concrete tools aangeboden, bijvoorbeeld de platformsoftware van deelnemer Marieke Karssen, onder het mom van ‘niet opnieuw het wiel uitvinden’.
  • En er werd goed gekeken naar een concrete casus: de logistiek van ElkeMelk; een succesverhaal in de korte keten, dat desondanks toch vaak uitverkocht is bij Albert Heijn. Hoe kan dat? Met deze casus gaat een aantal deelnemers aan de slag.

2. Logistieke hubs aan de rand van de stad
Aan de tweede tafel, onder leiding van Eva Flantua, ging het gesprek juist over logistieke oplossingen die géén onderdeel van het eigen bedrijf zijn. Een overkoepelende oplossing voor veel ondernemers in de korte keten zou een logistieke hub aan de rand van grote steden zijn, waar boeren en ondernemers hun producten kunnen leveren, en verwerkers en ondernemers in de stad die gemakkelijk kunnen afnemen. Een van de deelnemers had zelf al zo’n logistiek centrum opgezet aan de rand van Arnhem en bood de rest van de groep zijn ervaring en expertise aan. Verder werd besproken hoe deze hubs ook voor beleving kunnen zorgen, want volgens velen is dat essentieel. ‘Mensen willen ook een buffel kunnen aaien,’ zoals een van de deelnemers het verwoordde.

3. Data-alliantie Korte Keten
Door naar de derde tafel, waar onder leiding van Joris Lohman de kaarten op tafel werden gelegd voor een data-alliantie van ondernemers in de korte keten. Het idee achter deze challenge is dat het productief is voor de korte keten als geheel als de afzonderlijke ondernemers zoveel mogelijk relevante data (denk aan klantgegevens, adresbestanden, maar ook logistieke schema’s) met elkaar delen. In het gesprek bleek algauw dat ‘data’ voor iedere ondernemer iets anders betekent, en dat goede afbakening nodig is. Ook werd benadrukt hoe belangrijk het is om je als boer of ondernemer bewust te zijn van de hoeveelheid data die je al ‘weggeeft’ zonder er iets voor terug te krijgen – bijvoorbeeld aan de overheid of aan het bedrijf dat je tractor levert.

4. Aanbestedingen
Aan de vierde tafel, onder leiding van Marieke Creemers, ging het over een probleem waar vele ondernemers in de korte keten op zeker moment mee te maken krijgen: je wil graag leveren aan bijvoorbeeld ziekenhuizen of overheidsinstellingen, maar die volgen allerlei regels rondom aanbesteding. Daardoor is er weinig ruimte voor het belang van lokaal of regionaal voedsel. ‘Iedereen wil duurzaam inkopen, maar niemand doet het,’ was een van de conclusies aan deze tafel. De oplossing die hiervoor wordt aangedragen: er wordt een toegankelijk document opgesteld waarin wordt uitgelegd hoe je maatschappelijk verantwoord inkoopt, in de zorg/horeca/overheid/retail. Marieke maakt dit project meteen concreet: wie gaat het doen, wanneer, hoeveel bijeenkomsten zijn er nodig om zo’n document samen te stellen? Alle aanwezigen worden uitgenodigd om mee te denken.

5. Onderwijs om bewustzijn te vergroten
‘We krijgen er nog een taskforce bij,’ is de conclusie van het gesprek aan de vijfde tafel (onder leiding van Bart Kraaijvanger). De ’taskforce onderwijs’ wil zich gaan inzetten om het publieke bewustzijn rondom korte ketens te vergroten – door middel van onderwijs. Denk aan koksopleidingen – de chef is immers een belangrijke schakel tussen voedsel en consument – maar op de lange termijn willen de deelnemers zich ook graag inzetten voor voedselonderwijs in het basis-, middelbaar en beroepsonderwijs. ‘Hoe leer je mensen weer een actieve burger te zijn, en verantwoordelijkheid te laten nemen voor en in de regio waar ze wonen?’ vragen de deelnemers van dit gesprek zich af.

De Boerendenkers

Tijdens het hele programma waren ook Margit Lammers en Martina Florians van de Boerendenkers aanwezig. Zij brachten alles wat ze hoorden op speelse manier in beeld: op een grote tafel in het midden van de zaal ontstond gedurende het programma hun interpretatie van het korte-keten-landschap, grotendeels gebouwd met kapla-houtjes. Nuttig, want op die manier hadden de aanwezigen echt een conversation piece om het over de korte keten te hebben. In het eerste ‘speelveld’ dat Margit en Martina presenteerden, nog vóór de deelnemers in groepen uit elkaar gingen, werd de korte keten bijvoorbeeld op een lineaire manier verbeeld. Producent, verwerker en consument lagen (in de vorm van houten blokjes) achter elkaar op een groot vel papier. Dat bracht de aanwezigen tot het inzicht dat de korte keten in ieder geval circulair moest zijn. Na enige aanpassingen zag het speelveld er dus ineens heel anders uit: de cirkel werd rond.

Dankzij de visualisaties van de Boerendenkers blijkt ook dat een aantal kenmerken van de korte keten compleet vanzelfsprekend is voor de aanwezigen: onderling vertrouwen, radicale transparantie, de kracht van samenwerking. Deze ‘zachte waarden’ blijken, zelfs als het niet letterlijk uitgesproken wordt, voor iedereen de basis onder het gedroomde nieuwe voedselsysteem. De Boerendenkers vinden dat bijzonder; zij geven de deelnemers mee dat het vergroten van het vertrouwen (tussen ondernemers onderling, maar ook tussen ondernemer en consument) nog weleens moeilijk zou kunnen worden.

Vertrouwen en transparantie zijn cruciaal én vanzelfsprekend voor partijen die willen samenwerken in de #korteketen, zo bleek tijdens de Challenge Room Korte Ketens

Hoe nu verder?

Als de Challenge Room op 6 maart 2020 één ding duidelijk maakte, dan is het dat de noodzaak voor een kortere voedselketen breed gedragen wordt. Aan creativiteit, toewijding en grootse plannen geen gebrek onder de deelnemende ondernemers. Maar er liggen ook nog veel vragen en knelpunten. Waar is de consument in het hele verhaal? Zoeken we de oplossing teveel bij de boer en producent, moet de consument misschien eerst ‘opgevoed’ worden? Praten we misschien teveel over voedsel, terwijl de besproken problemen ook aan andere domeinen raken? Wat voor huiswerk moeten we maken voordat we de volgende stap gaan zetten? En een belangrijke vraag die achter veel discussies tevoorschijn kwam: willen we het huidige voedselsysteem geheel omverwerpen en vervangen, of is het slimmer om je als korte keten ondernemer aan te sluiten bij bestaande grote partijen?

Het is duidelijk dat het spel nog niet gespeeld is. Om op de hoogte te blijven van de vervolgstappen van de Taskforce Korte Ketens, en om geïnspireerd te worden door mooie (succes)verhalen uit de korte keten: meld je aan voor de nieuwsbrief.

  • Yvonne Faber

Verslag: Suus van de Kar (Food Hub)
Fotografie: Mathijs Jorritsma
Illustraties: Wandverslag